| 1. | Inleiding | |
| Speerpunten | ||
| Algemene Beschouwingen | ||
| 2. | Inkomsten- en loonbelasting | |
| Auto van de zaak | ||
| 3. | Inkomstenbelasting | |
| Aanpassing eigenwoningforfait | ||
| Beperking en afschaffing buitengewone uitgavenregeling | ||
| Verruiming geruisloze doorschuifregeling voor ondernemers | ||
| Ondernemersaftrek | ||
| Versobering uitbetaling algemene heffingskorting | ||
| Achterwege laten indexatie algemene heffingskorting | ||
| Versterking inkomensafhankelijkheid arbeidskorting | ||
| Versterking inkomensafhankelijkheid aanvullende combinatiekorting | ||
| Aanpassing tarieven | ||
| Samenvoeging voorlopige aanslag en teruggaaf | ||
| 4. | Loonbelasting | |
| Aftopping pensioenopbouw | ||
| Directeur-grootaandeelhouder (DGA) | ||
| Verlenging termijn OV-pas | ||
| Toepassing jonggehandicaptenkorting | ||
| Toerekening ‘loon in, loon over’ | ||
| 5. | Wet vermindering afdracht loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen | |
| Vereenvoudiging afdrachtvermindering speur- en ontwikkelingswerk (S&O) | ||
| 6. | Vennootschapsbelasting | |
| Woningcorporaties | ||
| Tarieven | ||
| 7. | Omzetbelasting | |
| Vrijstelling medische diensten | ||
| Luchtvaartuigen | ||
| 8. | Overdrachtsbelasting | |
| Bestrijding constructies onroerende zaaklichamen | ||
| Uitbreiding vrijstelling natuur | ||
| 9. | Motorrijtuigenbelasting en Belasting van personenauto’s en motorrijwielen | |
| Milieumaatregelen in de BPM en MRB | ||
| Automatisch incasso MRB vrachtauto’s | ||
| 10. | Wet belastingen op milieugrondslag (Wbm) | |
| Energiebelasting | ||
| Vliegbelasting | ||
| Verpakkingbelasting | ||
| 11. | Wet op de accijns | |
| Verhoging van de accijns op diesel en LPG | ||
| Verhoging drank- en tabaksaccijnzen | ||
| 12. | Kansspelbelasting | |
| Kansspelbelasting gokkasten | ||
| Uitbreiding vrijstelling kansspelbelasting prijsvragen | ||
| 13. | Algemene Wet Rijksbelastingen | |
| Verkorting beslistermijnen | ||
| 14. | Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (AWIR) | |
| Verbetering rechtsbescherming inkomensafhankelijke regelingen | ||
| 15. | Invoering aanwijzingsbevoegdheid buitenlandse algemeen nut beogende instellingen (ANBI’S) | |
| 16. | Diversen | |
| Zwangerschapsuitkering zelfstandigen | ||
| Verhoging inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet | ||
| Verlaging WW-premie | ||
| Verhoging AOW-toeslag | ||
| AWBZ | ||
| Verhoging algemeen BTW-tarief | ||
| Registratie digitale akten | ||
Op dinsdag 18 september is de Miljoenennota 2008 aan het parlement aangeboden. Ook is het belastingplan en het wetsvoorstel overige fiscale maatregelen ingediend. In deze nieuwsbrief een overzicht van diverse voorgestelde (fiscale) maatregelen die vóór, op of na 1 januari 2008 ingaan.
Speerpunten
In het Belastingplan 2008 worden de doelstellingen van het kabinet vertaald in fiscale maatregelen. De speerpunten zijn het bevorderen van innovatief ondernemerschap, vergroening, vereenvoudiging en het bevorderen van de arbeidsparticipatie.
Algemene Beschouwingen
De aangekondigde fiscale maatregelen zijn nog niet definitief en kunnen daarom veranderen. In de komende algemene beschouwingen maar ook bij de verdere parlementaire behandeling zullen de meeste voorstellen haar definitieve beslag krijgen. Naar verwachting gaan de meeste voorgestelde maatregelen in op 1 januari 2008. Sommige maatregelen zullen later ingaan (1 januari 2009 of 1 februari dan wel 1 juli 2008) of terugwerken (naar 1 januari 2006).
2. Inkomsten- en loonbelasting
Auto van de zaak
Vanaf 1 januari 2008 wordt voor ondernemers, resultaatgenieters en werknemers de bijtelling voor het privé-gebruik van de auto van de zaak verhoogd van 22% naar 25%. Voor auto’s met een CO2-uitstoot van maximaal 95 gram per kilometer (dieselauto) of maximaal 110 gram per kilometer (andere auto’s) gaat het percentage omlaag van 22 naar 14.
Aanpassing eigenwoningforfait
Per 1 januari 2009 vervalt het in het eigenwoningforfait opgenomen plafond (nu € 9.150). Door het loslaten van het plafond loopt het eigenwoningforfait ongelimiteerd op met de WOZ-waarde. Tevens wordt voor de vaststelling van het eigenwoningforfait een nieuw tarief van 2,35% ingevoerd voor woningen met een WOZ-waarde boven de € 1.000.000, maar alleen voor het deel dat uitgaat boven € 1.000.000. In 2008 geldt nog een maximaal eigenwoningforfait van € 9.300, oftewel 0,55% over € 1.690.909.
Beperking en afschaffing buitengewone uitgavenregeling
Per 1 januari 2009 vervalt de huidige fiscale regeling voor aftrek van buitengewone uitgaven in verband met ziekte, invaliditeit, bevalling, overlijden, arbeidsongeschiktheid en chronische ziekte, ouderdom en adoptie. In plaats daarvan wordt in de Wet maatschappelijke ondersteuning een specifieke regeling geïntroduceerd, toegespitst op chronisch zieken en gehandicapten. Vooruitlopend op deze wijziging zijn per 1 januari 2008 de (nominale) standaardpremie Zorgverzekeringswet en de inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet niet langer aftrekbaar. Tegelijkertijd wordt de drempel van de buitengewone uitgaven verlaagd. Voor een verzamelinkomen (vóór toepassing van de persoonsgebonden aftrek) tot en met € 6.999 wordt de drempel verlaagd met € 678 tot € 115 Boven die inkomensgrens gaat het percentage van 11,5 naar 1,65. Voor de belastingplichtige met een fiscale partner wordt het drempelbedrag en de inkomensgrens verdubbeld.
Verruiming geruisloze doorschuifregeling voor ondernemers
De geruisloze doorschuifregeling wordt vanaf 1 januari 2008 ook mogelijk als de onderneming wordt gestaakt als gevolg van indirect overheidsingrijpen of vrijwillige beëindiging. De voorgestelde maatregel leidt ertoe dat ondernemers zonder belastingheffing hun onderneming kunnen staken om vervolgens al dan niet elders een nieuwe onderneming te beginnen.
Ondernemersaftrek
De meewerkaftrek wordt met ingang van 1 januari 2008 afgeschaft. De zelfstandigenaftrek wordt in 2008 niet volledig, maar voor de helft geïndexeerd. Overigens kunnen partners wel in dienst treden bij de ondernemer en daarvoor een gewone arbeidsbeloning krijgen. Die wordt dan wel bij de partner belast.
Versobering uitbetaling algemene heffingskorting
De uitbetaling van de algemene heffingskorting aan de niet of de weinig verdienende partner wordt vanaf 1 januari 2009 in 15 jaar – oftewel 6⅔% per jaar – afgebouwd. De stapsgewijze afbouw geldt echter niet voor gezinnen met een kind van vijf jaar of jonger en voor partners die vóór 1 januari 1972 zijn geboren. Voor diegenen blijft de uitbetaling van deze heffingskorting onverminderd gehandhaafd.
Achterwege laten indexatie algemene heffingskorting
Voor 2008 wordt de algemene heffingskorting met € 31 verhoogd naar € 2.074. Om budgettaire redenen wordt deze indexatie geleidelijk teruggedraaid in de jaren 2009 tot en met 2011, om in 2011 weer uit te komen op het bedrag van 2007 (€ 2.043). Vanaf 2012 wordt deze korting dan weer normaal geïndexeerd.
Versterking inkomensafhankelijkheid arbeidskorting
Met ingang van 1 januari 2009 wordt de huidige arbeidskorting vervangen door een inkomensafhankelijke arbeidskorting. Om mensen te stimuleren te gaan werken, wordt het verschil tussen loon uit laag betaald werk en uitkering vergroot. In 2009 wordt deze korting voor mensen tot 57 jaar en met een inkomen tot € 40.000 verhoogd met € 32 tot € 1.475. Maar vanaf een inkomen van € 40.000 wordt de arbeidskorting weer - met 1,25% - afgebouwd tot maximaal € 1.443.
Versterking inkomensafhankelijkheid aanvullende combinatiekorting
De huidige (aanvullende) combinatiekorting stimuleert mensen om betaald werk te gaan verrichten, maar niet om méér te gaan werken. Daarom wordt ook de aanvullende combinatiekorting deels inkomensafhankelijk gemaakt. Bij een inkomen van € 4.542 loopt de aanvullende combinatiekorting verder op met 3,1% van het inkomen boven deze grens. In 2008 wordt de combinatiekorting na inflatiecorrectie met € 40 verlaagd. Daarentegen wordt de aanvullende combinatiekorting na inflatiecorrectie met € 35 verhoogd. De maximale inkomensafhankelijke aanvullende combinatiekorting bedraagt in 2009 € 850 en wordt in 2010 en 2011 verder verhoogd.
Ouderenkorting
De ouderenkorting wordt in 2008 na indexatie verhoogd met € 100. De aanvullende ouderenkorting wordt na indexatie verlaagd met € 25.
Aanpassing tarieven
In 2008 wordt het inkomstenbelastingtarief in de 1e schijf verlaagd van 2,5% naar 2,45%. Het tarief in de 2e schijf wordt verhoogd van 10,25% naar 10,70%.
Samenvoeging voorlopige aanslag en teruggaaf
De grondslagen van de vaststelling van een voorlopige teruggaaf en de vaststelling van een andere (negatieve of positieve) voorlopige aanslag worden in 2009 gelijkgetrokken. Hierdoor is het voor de Belastingdienst mogelijk om de systemen die worden gebruikt voor de vaststelling van een voorlopige teruggaaf en een (negatieve of positieve) voorlopige aanslag samen te voegen.
Aftopping pensioenopbouw
Per 1 januari 2009 wordt het pensioengevend loon voor fiscaal gefacilieerde pensioenregelingen voor werknemers gemaximeerd op € 185.000 (inclusief AOW-franchise). Deze grens zal jaarlijks worden geïndexeerd. Deze maximering heeft tot gevolg dat de omkeerregel (pensioenaanspraken vrijgesteld, pensioenuitkeringen belast), niet langer van toepassing is op pensioenregelingen waarbij de pensioenopbouw plaatsvindt op basis van een hoger pensioengevend loon dan € 185.000. Het is echter mogelijk om de regeling te splitsen in een gedeelte met en een gedeelte zonder fiscale faciliëring. De pensioenopbouw over het pensioengevend loon boven de € 185.000 vindt plaats zonder fiscale faciliëring, dat wil zeggen dat dit deel van de pensioenaanspraak wordt belast met loonbelasting. Het gedeelte van de pensioenaanspraak dat betrekking heeft op de grondslag boven de € 185.000, moet vervolgens jaarlijks in box 3 worden aangegeven. Toekomstige uitkeringen die voortvloeien uit dat deel van de aanspraak worden niet meer belast.
Het verzoek tot splitsing kan tot 1 januari 2009 bij de inspecteur worden ingediend. Als geen splitsingsverzoek wordt ingediend, zal de volledige pensioenaanspraak worden belast. Vóór 1 januari 2009 opgebouwde pensioenaanspraken vallen buiten de regeling. Door gebruik te maken van een salary split (bij verschillende werkgevers in dienst treden) kunnen grootverdieners het effect van de regeling neutraliseren.
Directeur-grootaandeelhouder (DGA)
Het loon van een DGA die op 1 januari van het jaar enig werknemer is van zijn BV is vanaf 2008 niet onderworpen aan loonheffingen. Dit wordt jaarlijks getoetst. Het loon moet door de DGA worden verantwoord via de aangifte inkomstenbelasting/ premie volksverzekeringen. De BV is derhalve niet langer inhoudingsplichtig. Dit is niet het geval als er andere werknemers bij de BV in dienst zijn. Als in de loop van het jaar andere werknemers in dienst treden, moet op hun loon wel loonheffing worden ingehouden.
Verlenging termijn OV-pas
De termijn waarvoor werknemers onbelast een grotendeels door de overheid gefinancierde vervoerkaart kunnen ontvangen voor alternatief vervoer bij wegwerkzaamheden wordt met ingang van 1 januari 2008 verlengd van 6 naar maximaal 24 maanden. Daarnaast kunnen ze voor het reguliere woon-werkverkeer een onbelaste reiskostenvergoeding van hun werkgever ontvangen.
Toepassing jonggehandicaptenkorting
Werkgevers hebben vanaf 2008 de mogelijkheid om bij de inhouding van loonbelasting rekening te houden met de jonggehandicaptenkorting voor werknemers die recht hebben op een Wajong-uitkering, maar die feitelijk deze uitkering niet genieten. Dit omdat sprake is van een andere uitkering of loon uit dienstbetrekking.
Toerekening ‘loon in, loon over’
Het blijft voor werkgevers mogelijk om later uitbetaald loon toe te rekenen aan een loontijdvak dat al verstreken is. De regeling is inhoudelijk gelijk aan die in 2006 en 2007.
5. Wet vermindering afdracht loonbelasting en premie voor de volksverzekeringen
Vereenvoudiging afdrachtvermindering speur- en ontwikkelingswerk (S&O)
Ten behoeve van een verdere vereenvoudiging van de Wet bevordering speur- en ontwikkelingswerk (WBSO), wordt in 2008 een aantal wijzigingen doorgevoerd. Zo komt er een nieuwe berekeningswijze van het gemiddelde uurloon met behulp van gegevens uit de polisadministratie van het UWV. In verband met het ontbreken van een aantal gegevens in de polisadministratie wordt voor het jaar 2008 nog uitgegaan van de reeds bestaande overgangsregeling.
Daarnaast wordt de mededelingsplicht voor de S&O-inhoudingsplichtige bij afwijking van S&O-uren verminderd van maximaal drie keer per kalenderjaar naar maximaal één keer per kalenderjaar.
De termijn waarin een correctie S&O-verklaring in de aangifte loonheffingen moet worden verwerkt, wordt met één aangiftetijdvak verlengd. Tevens wordt het mogelijk om bij ministeriële regeling de S&O-inhoudingsplichtige te verplichten de aanvraag en de mededeling elektronisch in te dienen. De laatste wijziging betreft het verlengen van de mededelingstermijn bij de S&O-aftrek in de inkomstenbelasting met een maand in geval van besteding van minder dan 500 uren aan speur- en ontwikkelingswerk.
Woningcorporaties
Door een veranderde woningmarkt worden woningcorporaties met ingang van 1 januari 2008 voor al hun activiteiten in de heffing van vennootschapsbelasting betrokken. Daarvoor waren zij alleen belastingplichtig voor hun commerciële activiteiten.
Tarieven
De wet schrijft nu voor dat een belastbaar bedrag tot € 25.000 wordt belast tegen 20%. Er wordt voorgesteld om vanaf 2008 deze bovengrens te verhogen naar € 40.000, terwijl het tarief gelijk blijft. De bovengrens van de tweede schijf wordt verruimd van € 60.000 naar € 200.000, terwijl het tarief daalt van 23,5% naar 23%. Het tarief voor een belastbaar bedrag boven de € 200.000 blijft 25,5%.
Vrijstelling medische diensten
Vanaf 2008 zijn medici alleen nog vrijgesteld voor de omzetbelasting voor diensten gericht op de gezondheidskundige verzorging van de mens. Deze diensten zijn verder alleen vrijgesteld als ze worden verricht door beroepsbeoefenaren die zijn opgeleid volgens eisen van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg. Dit geldt ook voor psychologen. De praktijkondersteuner is derhalve niet langer vrijgesteld. De vrijstelling voor de levering van tandprothesen geldt vanaf 1 januari 2008 alleen nog maar bij leveringen door tandartsen en tandtechnici; dus niet meer voor andere ondernemers.
Luchtvaartuigen
De regeling voor de toepassing van het nultarief voor het internationale luchtvervoer wordt in 2008 aangepast.
Bestrijding constructies onroerende zaaklichamen
Het door middel van bepaalde constructies ontgaan van overdrachtsbelasting in het geval aandelen worden verkregen in vennootschappen, andere rechtspersonen en verenigingen waarvan de bezittingen grotendeels bestaan uit onroerende zaken (onroerende zaaklichamen) wordt bemoeilijkt. Het belang in dergelijke lichamen wordt voortaan economisch/materieel bepaald in plaats van juridisch/formeel. Met andere woorden: vanaf 2008 is het daadwerkelijke belang in de vennootschap relevant en niet het belang in het geplaatste aandelenkapitaal. Op deze manier wordt bereikt dat heffing van overdrachtsbelasting niet langer kan worden voorkomen door uitgifte van verschillende soorten aandelen.
Uitbreiding vrijstelling natuur
De verkrijging van natuurgrond, gebruikt voor behoud en ontwikkeling van natuur en landschap, is vanaf 2008 vrijgesteld van heffing van overdrachtsbelasting.
9. Motorrijtuigenbelasting en Belasting van personenauto’s en motorrijwielen
Milieumaatregelen in de BPM en MRB
In de Wet BPM en de MRB worden diverse maatregelen doorgevoerd om het gebruik van schone en zuinige auto’s te stimuleren en vervuilende en onzuinige auto’s zwaarder te belasten. Een overzicht:
- De BPM-korting (bonus) voor zeer zuinige auto’s (label A) gaat omhoog van € 1.000 naar € 1.400 en de BPM-toeslag (malus) voor zeer onzuinige auto’s (label G) gaat omhoog van € 540 naar € 1.600.
- Er komt een CO2-toeslag op de BPM voor zeer onzuinige personenauto’s. Deze toeslag bedraagt € 110 per gram voor zover de grens wordt overschreden van 240 gram CO2-uitstoot per kilometer voor benzineauto’s en 200 gram per kilometer voor dieselauto’s. Vooralsnog blijven bestelauto’s van particulieren buiten deze toeslag.
- Voor hybride auto’s wordt de bestaande BPM-kortingsregeling verlengd tot 1 juli 2010, maar wel wordt de korting verlaagd. Het nihiltarief voor ‘zero-emission’ auto’s blijft gelden tot 1 juli 2013.
- Voor auto’s met een CO2-uitstoot van maximaal 95 gram per kilometer voor dieselauto’s of maximaal 110 gram per kilometer voor andere auto’s wordt per 1 februari 2008 het MRB-tarief gehalveerd.
- Vanaf 1 februari 2008 krijgen dieselpersonenauto’s zonder fijn stof uitstoot € 1.000 korting op de BPM. Voor elke milligram per kilometer meer wordt die korting verminderd met € 200 c.q. komt er een toeslag van € 200 per milligram meer, maar maximaal tot € 4.000.
Met het oog op de invoering van de kilometerheffing vanaf 2011, zal de BPM de komende 5 jaar met 5% per jaar verlaagd worden en wordt in diezelfde periode de MRB verhoogd met ongeveer 7,2%, met uitzondering van bestelauto’s voor gehandicapten.
Automatisch incasso MRB vrachtauto’s
Het reeds in de wet opgenomen automatisch incasso MRB voor vrachtauto’s wordt niet per 1 januari 2008 ingevoerd, maar uitgesteld. Naar verwachting zijn de automatiseringssystemen pas eind 2008 gereed.
10. Wet belastingen op milieugrondslag (Wbm)
Energiebelasting
Met ingang van 1 juli 2008 wordt de energiebelasting van elektriciteit (eerste schijf) met € 0,0025 verhoogd naar € 0,0741.
In de jaren 2008 tot en met 2011 wordt de teruggaafregeling in de energiebelasting voor grootverbruikers van minerale oliën als volgt afgebouwd:
- gasolie € 0,03 per liter per jaar
- halfzware olie € 0,02975 per liter per jaar
- LPG € 0,019 per liter per jaar
De verlaagde tarieven in de energiebelasting voor de glastuinbouwsector worden gezien als verboden staatssteun. Zonder toestemming van de Europese Commissie vervalt de regeling per 1 januari 2008. Komt die toestemming er wel, dan blijft de bestaande regeling van kracht.
Vliegbelasting
Per 1 juli 2008 wordt een vliegbelasting ingevoerd. Voor bestemmingen binnen de EU en voor bestemmingen die op maximaal 2.500 kilometer afstand van de luchthaven van vertrek liggen, is de belasting € 11,25. Voor alle overige bestemmingen geldt een belasting van € 45. Voor passagiers op doorreis in Nederland geldt dit niet. De heffing geldt niet bij vertrek vanaf kleine vliegvelden en evenmin voor vluchten met een klein vliegtuig.
Verpakkingbelasting
Met ingang van 1 januari 2008 wordt een verpakkingsbelasting geïntroduceerd die betrekking heeft op alle verpakkingen, dus ook op bedrijfsverpakkingen. Bedrijven die minder dan 15.000 kilogram verpakkingsmateriaal per jaar op de markt brengen, zijn vrijgesteld. Er worden zeven verpakkingsmaterialen onderscheiden – glas, aluminium, overige metalen, kunststof, papier en karton, hout en overige materiaalsoorten – met elk een afzonderlijk tarief.
Verhoging van de accijns op diesel en LPG
Met ingang van 1 juli 2008 wordt de accijns op (blanke en rode) diesel verhoogd met € 0,03 per liter en de accijns op LPG met € 0,015 per liter. Op 1 januari 2009 wordt de accijns op (blanke en rode) diesel en LPG nog eens verhoogd met € 0,01 per liter.
De accijnstarieven op rode diesel, LPG en zware stookolie worden per 1 juli 2008 eveneens geïndexeerd. Vanaf diezelfde datum vervallen ook twee specifieke accijnsregelingen voor rode diesel.
Verhoging drank- en tabaksaccijnzen
Maatschappelijke problemen zijn de reden dat de accijns op sigaretten en rooktabak (shag) met ingang van 1 juli 2008 wordt verhoogd. De accijnsverhoging op bier gaat echter pas op 1 januari 2009 in. Een pakje sigaretten wordt € 0,21 duurder en een pakje shag € 0,31. De accijns op bier wordt verhoogd met € 0,023 per pijpje pils van 0,3 liter.
Kansspelbelasting gokkasten
Met ingang van 1 januari 2009 worden de kansspelautomaten onder de kansspelbelasting gebracht. Dit heeft tot gevolg dat het regime van de omzetbelasting niet langer van toepassing is op kansspelautomaten.
Uitbreiding vrijstelling kansspelbelasting prijsvragen
De vrijstelling kansspelbelasting op prijsvragen wordt in 2008 uitgebreid tot prijzen die zijn toegekend voor prestaties die het algemeen maatschappelijk belang dienen. Het gaat hierbij alleen om de aard van de prestaties en niet om de deelnemers die de prestaties hebben verricht.
13. Algemene Wet Rijksbelastingen
Verkorting beslistermijnen
In het wetsvoorstel Versterking fiscale rechtshandhaving wordt de fiscale beslistermijn voor beslissingen op bezwaar en beschikkingen op aanvraag van één jaar teruggebracht naar respectievelijk zes en acht weken.
14. Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen (AWIR)
Verbetering rechtsbescherming inkomensafhankelijke regelingen
De Belastingdienst/Toeslagen bepaalt het toetsingsinkomen voor de huur-, zorg- en kinderopvangtoeslag op het verzamelinkomen voor de Wet IB 2001 of anders het (jaar)loon volgens de Wet LB 1964. In geschilsituaties oordeelt de bestuursrechter over de hoogte van de toeslagen, terwijl de belastingrechter over de hoogte van het belastbare loon beslist. Aan een onjuiste vermelding van het belastbare loon op de jaaropgave kan de bestuursrechter op dit moment niets doen. Daarom wordt voorgesteld dat de belastinginspecteur het loon (bij voor bezwaar vatbare beschikking) kan vaststellen ten behoeve van het toetsingsinkomen voor de genoemde toeslagen. Ook kan dat loon afwijken van het loon volgens de jaaropgave.
15. Invoering aanwijzingsbevoegdheid buitenlandse algemeen nut beogende instellingen (ANBI’S)
De aanwijzingsbevoegdheid voor ANBI’s wordt in 2008 uitgebreid tot instellingen gevestigd in de Europese Unie, de Nederlandse Antillen, Aruba of een aangewezen mogendheid. Deze uitbreiding is een vervolg op de reeds voorziene verandering van de belastingregels voor ANBI’s betreffende de giftenaftrek in de inkomsten- en vennootschapsbelasting en de vrijstellingen in het successie- en schenkingsrecht.
Voor bestaande ‘algemeen nut beogende’-instellingen is het belangrijk dat zij er voor zorgen aan de nieuwe voorwaarden te voldoen. Dit is een actiepunt voor de komende maanden.
Zwangerschapsuitkering zelfstandigen
Naar verwachting krijgen vrouwelijke zelfstandigen vanaf medio 2008 recht op een zwangerschapsuitkering van zestien weken. De uitkering is gebaseerd op het inkomen van het voorgaande jaar, maar gemaximeerd op het wettelijk minimumloon.
Verhoging inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet
De inkomensafhankelijke bijdrage Zorgverzekeringswet voor werknemers gaat in 2008 van 6,5% naar 7,2%.
Verlaging WW-premie
De WW-premie wordt in 2008 verlaagd van 3,85% naar 3,5% en in 2009 verder te verminderen tot nul.
Verhoging AOW-toeslag
Ouderen worden fiscaal extra ondersteund door het verhogen van de AOW-toeslag.
AWBZ
De eigen bijdragen AWBZ worden vanaf 2009 verscherpt. Daarnaast zullen de hogere inkomens in verhouding meer gaan bijdragen aan de AWBZ.
Verhoging algemeen BTW-tarief
In de Miljoenennota is aangegeven dat vanaf 1 januari 2009 het algemene BTW-tarief verhoogd zal worden van 19% naar 20%. Deze maatregel is echter nog niet in het wetsvoorstel Belastingplan 2008 opgenomen.
Registratie digitale akten
Met ingang van 2008 zal de Registratiewet 1970 worden aangepast, zodat naast registratie van fysieke notariële akten het ook mogelijk is om notariële akten in gedigitaliseerde vorm en op elektronische wijze aan te bieden bij de Belastingdienst. Ook zal afgezien worden van het in rekening brengen van registratierecht.
--------------------------------------------------------------------------------------------------------------
Bij de samenstelling is naar uiterste betrouwbaarheid en zorgvuldigheid gestreefd, onze organisatie kan niet aansprakelijk worden gesteld voor eventuele onjuistheden en de gevolgen hiervan.


