De Pensioenwet:
verandert het pensioen in eigen beheer alweer?
Een nieuw jaar is begonnen. Nieuwe ronde, nieuwe kansen én een nieuwe pensioenwet. Op 1 januari van dit jaar werd de oude Pensioen- en Spaarfondsenwet ingeruild voor de nieuwe Pensioenwet. Wellicht heeft u daar in de laatste maanden van 2006 al het nodige over gehoord of gelezen. Voor alle "gewone" werknemers van Nederland is de Pensioenwet al sinds de jaarwisseling van toepassing, maar voor één speciale groep werknemers is 2007 nog een overgangsjaar. U raadt het misschien al: die ene speciale groep, dat zijn de directeur grootaandeelhouders van Nederland met hun pensioen in eigen beheer. En als er één groep werknemers is die gewend is geraakt aan wijzigingen op pensioengebied dan zijn dat de DGA's wel.
Het pensioen in eigen beheer is de laatste jaren behoorlijk aan veranderingen onderhevig geweest. De aanpassing aan de regels van de Wet Witteveen was nog maar net achter de rug of het kabinet Balkenende lanceerde de Wet Prépensioen en Levensloop (met onder andere de verschuiving van de pensioenleeftijd van 60 naar 65 jaar). Het gevolg van al deze wetswijzigingen is dat de DGA inmiddels gewend is geraakt aan het ieder jaar opnieuw tekenen van een nieuwe pensioenbrief. Aan al de veranderingen in de wetgeving waren namelijk ook fiscale consequenties verbonden en met het tekenen van een nieuwe pensioenbrief zorgde de DGA ervoor dat hij ook fiscaal in de pas bleef lopen. De gemiddelde DGA heeft zo in de afgelopen drie jaar al tenminste twee keer een nieuwe pensioenbrief moeten tekenen om zijn pensioen in eigen beheer te laten voldoen aan de nieuwe regels. Het zal voor die gemiddelde directeur dan ook een opluchting zijn om te horen dat de nieuwe Pensioenwet geen fiscale veranderingen met zich meebrengt. De regels van de loonbelasting, zoals deze golden vóór 2007, blijven onveranderd. Maar betekent dit nu dat de DGA de invoering van de Pensioenwet ter kennisgeving kan aannemen, of liever gezegd: blijft die pensioenbrief nu eindelijk eens hetzelfde?
Het antwoord op die vraag luidt helaas nee. De invoering van de Pensioenwet zorgt er toch voor dat de DGA zijn pensioen (en zijn pensioenbrief) weer eens onder de loep moet nemen. Dat heeft vooral te maken met één heel belangrijke wetswijziging: de Pensioenwet is namelijk helemaal niet van toepassing op het pensioen in eigen beheer.Tot 1 januari 2007 bepaalde de Pensioen- en Spaarfondsenwet (PSW) hoe er gehandeld moest worden met een pensioen. Deze regels waren bindend voor alle werknemers, dus ook de DGA. De fiscale regelgeving sloot zich daarbij aan. In de pensioenbrieven van de DGA wordt dan ook op meerdere plaatsen verwezen naar de PSW. Zo regelde de PSW dat een pensioen niet mocht worden afgekocht, legde vast hoe te handelen bij echtscheiding, regelde de mogelijkheid van waardeoverdracht en bood een zekere bescherming bij faillissementen. Deze zaken worden nu allemaal netjes geregeld in de Pensioenwet, maar die geldt dus niet voor de DGA. Gelukkig vond de wetgever het niet handig als al de hiervoor genoemde regels nu plotseling zouden komen te vervallen voor de DGA. Vandaar dat via allerlei noodverbanden de meeste regels toch van toepassing blijven voor de DGA. Zo is bijvoorbeeld in de Wet Verevening Pensioenrechten bij Echtscheiding expliciet vastgelegd dat deze wet ook van toepassing is op het pensioen van een DGA. Alleen voor de bescherming bij faillissementen is geen noodverband gelegd. Dit kan voor een DGA in voorkomende gevallen ernstige gevolgen voor zijn pensioen hebben, vooral in situaties waarin een directeur een deel van zijn pensioen bij een verzekeringsmaatschappij heeft ondergebracht. Tot 1 januari kon de curator bij een faillissement op basis van de PSW in geen enkel geval overgaan tot afkoop van de verzekeringspolis om zo geld vrij te maken voor de schuldeisers. Het verzekerde deel van het pensioen van de directeur bleef dus altijd buiten het faillissement. Dit gold ook als het pensioen van de directeur was ondergebracht in een aparte pensioen-BV en de directeur in privé in faillissement raakte. De curator kreeg dan weliswaar de beschikking over de aandelen van de pensioen-BV, maar kon op grond van de PSW het daarin ondergebrachte pensioen niet afkopen. Vanaf 1 januari is dit anders geworden. Het afkoopverbod is nog wel opgenomen in de Pensioenwet, maar die geldt dus niet meer voor de directeur grootaandeelhouder. Onder omstandigheden zou een curator dus wel degelijk een pensioenpolis kunnen afkopen om zo geld vrij te maken voor aflossing van de schulden. Fiscaal geldt het afkoopverbod overigens nog wel, zodat bij een dergelijke afkoop belastingheffing plus 20 procent revisierente verschuldigd zal zijn. Ook het pensioen in een aparte pensioen-BV zou dus bij faillissement in privé van de directeur onder omstandigheden kunnen worden afgekocht.In de praktijk zal het met dit risico over het algemeen niet zo'n vaart lopen. Toch kan het geen kwaad om eens te bekijken hoe reëel dit risico in uw situatie is. Er zijn altijd mogelijkheden om de risico's te beperken. Praat daar eens over met uw adviseur.
Uit het voorgaande volgt dat de Pensioenwet dus weliswaar niet geldt voor de DGA en zijn pensioen, maar dat de oude regels min of meer van toepassing blijven. De vraag is dan: waarom een overgangsjaar voor de DGA? Dit heeft te maken met het feit dat veel DGA's hun pensioen slechts gedeeltelijk in eigen beheer houden. Het resterende deel is ondergebracht bij een verzekeringsmaatschappij. Ten aanzien van deze verzekeringspolissen zullen de DGA's in 2007 een keuze moeten maken. Of zij kiezen voor de regels van de Pensioenwet, of niet. Kiezen zij voor de Pensioenwet, dan dienen zij de polis als zodanig aan te merken. Doet een DGA niets met zijn polis, dan valt deze polis vanaf 1 januari 2008 automatisch niet meer onder de Pensioenwet. Een DGA moet dus actie ondernemen als hij een polis onder de Pensioenwet wil laten vallen. Kiest hij of zij overigens voor de Pensioenwet dan is er geen weg terug. Het terughalen van elders verzekerd pensioen naar eigen beheer (zoals wel mogelijk was onder de PSW) is niet meer toegestaan onder de Pensioenwet. Dit is dan ook meteen het grote nadeel van de keuze voor de Pensioenwet. De DGA is dan niet meer flexibel ten aanzien van zijn pensioen. DGA's met een volledig in eigen beheer gehouden pensioen vallen in principe nu al niet meer onder de Pensioenwet, maar kunnen in 2007 nog een pensioenpolis afsluiten bij een verzekeraar die vanaf 1 januari 2008 onder de Pensioenwet valt. Waarom zou een DGA onder de Pensioenwet willen vallen? De belangrijkste reden lijkt in de praktijk te zijn dat in de Pensioenwet de regels van de faillissementsbescherming uit de PSW zijn overgenomen. Om te bepalen of de keus voor de Pensioenwet zinvol is zal iedere DGA zelf een inschatting moeten maken van de kans dat hij in privé in faillissement kan geraken.
Overigens blijft het ook buiten de Pensioenwet om mogelijk om vanuit eigen beheer een deel van het pensioen of zelfs het hele pensioen onder te brengen bij een verzekeraar. De betreffende polis zal dan alleen formeel geen pensioenpolis kunnen zijn. Dat is op zich geen probleem zolang polis fiscaal maar als pensioenpolis kan worden gezien. De verzekeraars zullen naar verwachting wel een bepaald artikel aan de polisvoorwaarden kunnen toevoegen waarmee aan de fiscale regels wordt voldaan.
Tot slot dan de pensioenbrief. Moet die nu echt weer veranderen? Het antwoord lijkt hier helaas ja. Een hele nieuwe pensioenbrief lijkt echter ook weer overdreven. Het probleem zit hem namelijk alleen in de verwijzingen naar de PSW. Met een eenvoudige aanvulling op de pensioenbrief (een addendum) moet dit op te lossen zijn. Het DGA-pensioen is dan weer helemaal op orde. Voor hoelang? Die vraag kan ik voor u helaas niet beantwoorden.
Alex van den Kerkhoff
deWaardKramer belastingadviseurs
a.vandenkerkhoff@dewaardkramer.nl
