deWaardKramer

Rechtstreeks naar inhoud gaan

Aanslag niet goed ....

foutje, bedankt?

Nog niet zo lang geleden was het nog in het nieuws.

Door een softwarefout kregen een flink aantal belastingplichtigen een aanslag in de bus die niet goed was. Aftrekposten waren niet goed verwerkt en als gevolg daarvan kregen sommige mensen meer belasting terug dan waar ze recht op hadden. Dat lijkt wel aardig, maar natuurlijk was de vreugde van korte duur. De belastingdienst was er snel bij om aan te geven dat de fout zou worden hersteld en dat de belastingplichtigen het teveel ontvangen bedrag natuurlijk weer moesten terugbetalen. Een excuusbrief konden degenen met een foute aanslag dan nog wel krijgen, maar een onverwacht financieel voordeeltje zat er voor hen niet in.


Omdat het in dit geval op grote schaal mis ging was het even nieuws, maar foute aanslagen in het voordeel van de belastingplichtige komen wel vaker voor. Meestal komt de belastingdienst er goed weg en mogen ze hun fout herstellen. Toch is dat niet altijd vanzelfsprekend.

Neem bijvoorbeeld de situatie in het arrest van de Hoge Raad van 2 juni van dit jaar. Een ondernemer was in 2000 gestopt met ondernemen en had dat netjes in zijn aangifte over het jaar 2000 gemeld. Ook had hij in die aangifte de vrijval meegenomen van zijn fiscale oudedagsreserve. Keurig volgens de regels, want wie zijn onderneming staakt moet zijn oudedagsreserve op dat moment tot zijn winst rekenen. Dat betekent dus belasting betalen. De inmiddels ex-ondernemer is dan ook blij verrast als hij de aanslag krijgt, want in die aanslag is van de vrijgevallen oudedagsreserve niets terug te vinden. De ex-ondernemer denkt "pik in, het is winter" en houdt zich stil. Niet onlogisch, want welke belastingplichtige zou in zo'n geval de fiscus wijzer maker dan ze zijn.

Helaas voor de ex-ondernemer ontdekt in een later stadium een inspecteur alsnog de gemaakte vergissing. Deze inspecteur gaat over tot navordering en legt dus alsnog een aanslag op. Tegen die aanslag komt de belastingplichtige in het geweer. Zijn redenatie is duidelijk: als een inspecteur een fout maakt bij het vaststellen van een aanslag is die fout in principe voor zijn rekening. De belastingplichtige mag er toch vanuit gaan dat er over de aanslag is nagedacht voordat die bij hem op de deurmat valt. Als er dan een fout blijkt te zijn gemaakt, mag de inspecteur die fout niet zomaar op de belastingplichtige afwentelen door alsnog tot heffing over te gaan. Daarmee heeft de ex-ondernemer gelijk. Het basisprincipe voor dit soort verkeerde aanslagen is inderdaad "wie zijn billen brandt moet op de blaren zitten", maar er bestaan uitzonderingen. Eén van die uitzonderingen is de situatie waarbij er zo duidelijk sprake is van een fout dat het de belastingplichtige van het begin af duidelijk is dat het nooit de bedoeling van de inspecteur kan zijn geweest om de aanslag zo vast te stellen. In de rechtspraak worden dit soort fouten omschreven als type-, schrijf- of intoetsfouten. Dit soort duidelijk ambtelijke fouten mogen wel worden hersteld door de belastingdienst. Een mooi voorbeeld hiervan zijn de foute aanslagen uit de inleiding van dit verhaal. In die aanslagen werd immers een aftrekpost twee keer meegenomen. Hoe weinig een belastingplichtige ook weet van de belastingwetgeving, twee keer de hypotheekrente aftrekken moet zelfs bij de grootste leek op fiscaal gebied vragen oproepen. Uiteraard vindt de inspecteur in het geval van de gestopte ondernemer dat er hier ook sprake is van zo'n duidelijke fout en daarmee dat er sprake is van een herstelbare fout. De zaak komt voor het Hof van Amsterdam en dit Hof geeft de inspecteur gelijk. De inspecteur heeft dan uitgelegd hoe het is gegaan. Bij het invoeren van de gegevens uit de aangifte in de computer heeft een medewerker even niet opgelet en is deze vergeten op het juiste moment op de goede knop te drukken. Een eenvoudige vergissing dus. Het is toch duidelijk dat deze aanslag nooit de bedoeling is geweest. De inspecteur wijst hiervoor naar de aangifte en de wet. De aangifte vermeldde immers de staking van een onderneming en de wet is duidelijk op het punt van de vrijval van een oudedagsreserve bij staking van een onderneming. Elke zichzelf respecterende inspecteur zou de juiste aanslag kunnen vaststellen als er geen foutje zou zijn gemaakt. Herstel moet daarom mogelijk zijn vindt ook het Hof.

De ex-ondernemer neemt hier geen genoegen mee en stapt naar de Hoge Raad. Die vindt het helemaal niet zo vanzelfsprekend dat een duidelijke wettekst en een goede aangifte garant staan voor een goede aanslag. Dat er sprake is van een foutje ziet de Hoge Raad ook wel in, maar dat de ex-ondernemer uit de aanslag zou moeten begrijpen dat deze niet in overeenstemming was met de bedoeling van de inspecteur is voor de Hoge Raad nog niet bewezen. De Hoge Raad beslist dan ook dat de zaak terug moet naar het Hof. Daar zal de inspecteur meer bewijs moeten aanvoeren om te laten zien wat de bedoeling van de inspecteur was en dat het slechts aan de invoerfout te danken is dat de aanslag anders is geworden. Kan hij dat niet, dan vervalt voor hem de mogelijkheid om na te vorderen en komt de gemaakte fout dus alsnog voor rekening van de belastingdienst.

Hoewel de zaak dus nog niet beslist is en de ex-ondernemer dus nog niet definitief van de aanslag af is, maakt deze uitspraak één ding duidelijk: de belastingdienst kan zich vaak, maar niet altijd zomaar herstellen van gemaakte fouten. Fouten die het gevolg zijn van de door de belastingdienst gekozen manier van aanslagregeling komen voor rekening van de belastingdienst. Is uw aangifte goed en ontvangt u desondanks een aanslag die niet klopt met deze aangifte, houdt u dan het bovenstaande in uw achterhoofd. Alleen als er echt sprake is van een duidelijke vergissing, kan de belastingdienst haar fout nog herstellen. Is het mogelijk dat de afwijking voortkomt uit een andere opvatting van de belastingdienst ten aanzien van een bepaald onderdeel van uw aangifte, dan zal de inspecteur niet zo gemakkelijk tot navordering kunnen overgaan. Laat hem dan eerst maar eens aantonen dat de opgelegde aanslag niet de bedoeling was. En dat kan nog wel eens niet zo eenvoudig zijn.    

                                                           Alex van den Kerkhoff
                                                            deWaardKramer belastingadviseurs
                                                            a.vandenkerkhoff@dewaardkramer.nl

Cliënt Online
Twitter